

Hoe bevalt dat in een wintersportplaats?
Het Brandnertal biedt een mooi natuurzwembad en een uitgebreid kinderprogramma. Een belangrijk deel van de activiteiten is gratis: niet alleen diverse bergactiviteiten, maar ook sporten en attracties die je hier niet verwacht. Niet alleen de kinderen zijn er enthousiast over, ook de ouders.
Het Brandnertal is hemelsbreed het meest nabije stukje Oostenrijk. Over de snelweg is de afstand vanaf Utrecht 845 kilometer. De laatste twintig kilometer bestaat uit een tweebaansweg, die uitmondt in het komvormige Brandnertal, omzoomd met spitse kale toppen, zoals de 2964 meter hoge Scesaplana. Op haar steile rotswanden, bij de Zwitsers/Lichtensteinse grens, loopt de weg dood in het verkeersluwe lintdorp Brand met 700 inwoners. Het is een dorp als een vakantiepark: iedereen rijdt rustig en kinderen vanaf zo’n negen jaar doen hier zelfstandig boodschappen.
Brand is nog redelijk authentiek: met boerderijen in eeuwenoude chalets en veel monumentale hotels en pensions. Deze staan vooral vlakbij de rivier, de Alvier, die het dorp doorsnijdt. Daar vlakbij is een van de belangrijkste zomerattracties, namelijk, een bergmeertje met tal van geraffineerde extra’s, zoals trappetjes, steigers, een vlot en zonneterrassen, zoals in een luxe Spa. Meteen na aankomst, nemen onze zonen, tussen 10- en 15 jaar, een duik en herhalen dit dagelijks. Je zwemt hier in kristalhelder water met hier en daar een kikkervisje. Dit alles onder toezicht van een badmeester.
Het Brandnertal bestaat, buiten de dorpen, uit een groot natuurgebied, met veel bos en weide. Waar in de winter wordt geskied, kan in de zomer vaak worden gewandeld, bijvoorbeeld via begeleide tochten naar een historisch bergrestaurant in het Zalimtal, en van Bürserberg naar Bürs. De kinderen vinden het prachtig. Van de ene steen naar de andere springen in de rivier of op je bergschoenen over een modderig en glibberig steil paadje naar beneden glijden. Of wild ontdekken, zoals gemzen en wilde zwijnen.
De mooiste wandeltocht vinden onze jongens die rondom de Lünersee, op zo’n tweeduizend meter hoogte. Dit meer werd al in 1870 een toeristische attractie omdat het toen het hoogst gelegen stuwmeer van Oostenrijk was. Het water is onwaarschijnlijk blauw en zo doorzichtig dat overal grote karpers en forellen zichtbaar zijn, ook op vele meters diepte.
Het nieuwe Tiererlebnispad in het dorp Brand is een wandeling die ook voor kids, jonger dan tien jaar, zeer geschikt is. Via deze route is het bijvoorbeeld mogelijk een blik te werpen in een traditionele kippen- of een varkensboerderij. Daarnaast kun je de veehouder aan het werk zien en onderweg verschillende dier- en vogelsoorten bekijken.
Een bergsport, die weinig kids beoefenen, is vliegvissen. Hierin krijgen mijn zonen les van instructeur Ewald Meyer op het terras van zijn thuishaven: het sport- en familiehotel Beck. Er wordt gestart met het maken van de namaakvliegjes. Hiervoor staan vier grote open koffers op tafel, vol met alle mogelijk soorten haakjes, veertjes en wolletjes. Dat betekent veel gepriegel, maar het lukt redelijk goed om na te maken wat boven het water kan vliegen. Vaak wordt dit aas pas bij het riviertje gemaakt, want dan zie je wat er boven zoemt en wat de vissen happen. Er zijn oneindig veel soorten vliegen. Echter vandaag vliegt er vrijwel niets, want de rivier stroomt wild na dagenlange tropische temperaturen. De vissen realiseren zich dat terdege, wantrouwen daarom de nepvliegen en bijten niet. Kortom bij rustige rivieren is het vliegvissen voor herhaling vatbaar.
De volgende dag arriveren we opnieuw bij het fameuze kids- en sporthotel Beck. Een hotel vol informele gezelligheid, antiek, opgezette dieren uit de streek en zelfgebakken koekjes op tafel. Bovendien biedt het veel sportmogelijkheden. Nog een daarvan is boogschieten, gegeven door Christiaan Beck, een zoon van de eigenaar. Deze voormalig Europees kampioen zoekt in de glasvitrines vol pijlen en bogen naar de juiste maat voor mijn kids. Bij het boogschietveld legt hij geduldig uit hoe zo optimaal mogelijk de ballonnen op de schietschijf te raken. Wanner dat goed gaat, bestaat het volgende doelwit uit houten afbeeldingen van dieren uit de streek. Vlakbij is een parcours van 20 hectare met 70 natuurgetrouwe houten afbeeldingen van plaatselijke fauna. Een soortgelijk park is ook te vinden in Bürserberg, vlakbij Brand. In de zomervakantie is de eerste, vrijblijvende, boogschietles gratis in groepsverband. Eveneens kosteloos is het ponyrijden, met begeleiding aan de teugel, in de manage van hotel Beck.
Brand kent meer gratis kennismakingslessen voor de jonge bezoekers van het dorp. Ook onverwachte, in dit smalle dal in het hooggebergte, namelijk golf. Op deze 18 holes baan, een van de hoogst gelegen van Europa, leer je vermoedelijk sneller doelgericht slaan dan in vlak Nederland. Iedere misslag richting dal betekent tientallen meters dalen, weliswaar over paden, om de bal te vinden. De kids krijgen hier in groepjes les van een professionele instructeur. Golf is niet hun favoriete sport geworden, maar ze versmaden het zeker niet.
Nog een onverwachte activiteit is tennis. Niet op een enkel hobbelig baantje, maar op een superluxe complex met zo’n vier perfecte gravelbanen en een grote tennishal, horende bij hotel Scesaplana. Het gebruik van deze banen, en zelfs wat uren tennisles, is inbegrepen in de prijs van een aantal luxe plaatselijke hotels. Ook los daarvan kun je een baan huren en lessen nemen bij goede tennisleraren. Dit complex hoort namelijk bij de European Tennis Academy, dat ook trainingskampen biedt aan toptalenten.
Uiteraard mag een bezoek aan een museum niet ontbreken, bijvoorbeeld aan het Bergbauernmuseum in Bürserberg. Hier wordt zichtbaar hoe de plaatselijke bevolking in vorige eeuwen werkte en woonde.
Een absolute aanrader is de wekelijkse grillparty bij de forellenvijvers in een feesttent bij een restaurant. Het eten is perfect, want eenvoudig, vers, goed bereid en zeer betaalbaar. Bovendien speelt hier vaak livemuziek, zoals nu de zingende gitarist Wolfgang Frank, die in zijn eentje vele aanwezigen laat dansen. Ook qua avondvertier blijkt het hier in de zomer een vrolijke boel te zijn. Ook de kids gaan in de zomer graag vaker naar de Oostenrijkse bergen.
Tekst: Marjo Visser
Fotografie: CB Productions